hannacopini

A great WordPress.com site


Leave a comment

Malbec en sappige biefstukken in Mendoza

Bij de wijnstreek Mendoza denken de meeste wijnliefhebbers aan de Malbec en de Torrontés als ‘originele’ druiven van deze streek. Toch hebben de Argentijnen ook een goede smaak weten te geven aan de Cabernet Sauvignon, de Sauvignon Blanc en de Viognier. De wijnhuizen of bodega’s worden veelal per fiets verkend door toeristen, een grappig tafereel, waarbij je niet verbaasd moet opkijken wanneer je op het ‘juiste pad’ wordt gewezen door de speciaal hiervoor opgezette Toeristenpolitie. Een belangrijke taak begrijpen we, want er wordt geroofd. Gelukkig hebben we niets waardevols bij ons en kunnen we zonder al te veel zorgen her en der wijntjes proeven en brood in de regionale olijfolie dippen. Het is allemaal niet zo gracieus als in Frankrijk, maar het is zeer betaalbaar en de wijn smaakt ons prima.

We overnachten een aantal nachten op een kleine bodega met een Belgische eigenaar. Ze verbouwen olijven en druiven in kleine hoeveelheden en zijn nog niet zo lang geleden begonnen. Hans, de eigenaar van bodega Cavieres, geeft ons volop aandacht en wijst ons op de betere bodega’s en restaurants in de regio. Cavieres biedt drie authentieke kamers aan in een prachtig gerestaureerd 100 jaar oud gebouw. Het heeft tevens een mooie tuin met zwembad. Omdat we gewoon niet langer kunnen wachten papt Hielke aan met onze Duitse buurman Wolfgang. Hij is pas verloofd met een Argentijnse dame en is op doorreis naar zijn schoonfamilie, hij spreekt alleen nog geen Spaans. Hij heeft zijn verloofde pas leren kennen. Ze zijn allebei gescheiden en boven de 50 en bovendien was het liefde op het eerste gezicht, dus waarom tijd verliezen, vindt Wolfgang en hij wil de liefde zo snel mogelijk bezegelen met een ring. Schitterend, waar zie je dat nog!
Hielke stelt voor om vanavond met de aanwezigen een Argentijnse barbecue (asado) te organiseren. Het wordt onze eerste echte asado (ook wel parilla) en het is meteen ook de allerbeste die we ooit hebben meegemaakt en zullen meemaken in Argentinië, zo blijkt later. Dikke lappen mals rundvlees boven vers houtskool, zonder saus, gewoon met zout en wat kruiden. Omdat Hans achter de pook staat wordt het vlees perfect rood ofwel ‘jugoso’ aangeboden en dit is geheel tegen Argentijnse gewoontes in. De Argentijnen eten graag vlees dat zijn rode kleur net verloren heeft en daarmee ook, volgens de aanwezige Europeanen, de sappigheid. De chorizo is eveneens verrukkelijk en we eten het allen staand bij de barbecue op, lekker vers van het mes en warm. De Malbec smaakt er heerlijk bij, dit zal niet snel vervelen.

We verruilen het platteland voor de stad Mendoza, een fijne stad met brede mooie lanen en veel parken. De in Chili opgehaalde Euro’s wisselen we op straat in voor Argentijnse peso’s bij mannetjes die “cambio, cambio!” roepen. Life is good. Na Mendoza reizen we per nachtbus naar Trenque Lauquen, een kleine stad niet ver van Buenos Aires vandaan. Het is 21 april, mijn verjaardag en het eerste wat ik mag gaan doen is liften! Er gaat namelijk geen bus en de gastfamilie waar Hielke 13 jaar geleden bij heeft gewoond wacht met smart op ons. Na enkele luttele minuten stoppen maar liefst twee auto’s! Matias en zijn broer zijn op weg naar een voetbalwedstrijd ergens 200 kilometer verderop en ze willen ons gerust even afzetten. Wat een fijne mensen toch. Onderweg praten we ronduit en drinken we mate (groene thee die je samen drinkt uit één kop via een tuitje). We zijn er zomaar en bedanken onze chauffeurs hartelijk met 50 peso’s, welke Hielke door het raam naar binnen moet gooien omdat ze het niet willen aannemen.

Bij Graciela en Jorge worden we nogal hartelijk onthaald. Er wordt direct een taart gebakken en tevens zijn de voorbereiden voor onze tweede asado in volle gang. In het weekend maak je een asado met vrienden of familie, zo gaat dat hier. Het is een heerlijke week waarin wij ons beide meer dan thuis voelen. Het weerzien met familie en vrienden is voor Hielke natuurlijk heel speciaal. We bezoeken ook nog het tweede gastgezin waar Hielke heeft gezeten in een piepklein dorpje. Susana en Luis hebben twee fabriekjes in het piepkleine dorpje Beruti. Verder is in het dorp weinig te beleven. Hielke ziet gelijk mogelijkheden voor import voor één van de producten en bestelt een sample pakket. Leuk! Eens zien wat eruit komt. Als afsluiting gaan we met de eerste gastouders nog een weekendje weg naar de bergen, het klikt echt fantastisch goed tussen ons vieren. Wat een fantastische week en uitstekend om het Spaans te verbeteren! Het afscheid is emotioneel.

Voordat we naar Buenos Aires gaan stoppen we nog even in Rosario, waar we afgesproken hebben om twee Nederlandse broers op te zoeken die een landbouwbedrijfje runnen op een eiland. Daar willen we meer van weten. Maarten en Berend wonen en werken al ruim 8 jaar in Argentinië en hebben twee eilanden gekocht in een rivier. Vruchtbare grond en vruchtbare handel leren we! Via Rosario wordt soja en maïs wereldwijd verhandeld. We krijgen een uitgebreide rondleiding. Zeer interessant allemaal. Na het platteland wordt het nu toch echt tijd voor de hippe stad. Op naar Buenos Aires!

 

Advertisements


Leave a comment

If graffiti is art, Valparaíso is an open museum

To get to Chile through the border in front of Mendoza is a nightmare. Hours of waiting and you cannot bring along food and herbs and all sorts of things. So be prepared for a long trip and a lot of waiting. Dry food and nuts are allowed, just don’t put drugs in it, like they asked me! But obviously the answer was no, I didn’t put drugs in my nuts! Still he tested it by randomly breaking a few. Valparaíso is situated on the coast of Chile in the middle of this strangely long but thin country. It really is a special place, also known as little San Francisco amongst sailors. Valparaíso is one of the most important seaports in Chile and has over two hundred thousand inhabitants. Valparaíso was designated a UNESCO World Heritage Site in 2003. A must see is Casa Museo La Sebastiana, from which the view over the city is unusually wide and crazy beautiful. The house was named after the architect and owned and decorated by the famous poet Pablo Neruda. We loved this house and the collection of art and objects Neruda had. Another fun thing to do after visiting this museum, is walk down to the centre passing the open museum (it is just an area) with a lot of graffiti and other nice objects to watch. Afterwards have a nice meal at a small restaurant called el Pimenton in the street named Cumming. The houses in Valparaíso are small and colourful. Valparaíso is built on several hill sides so prepare to climb a little, or instead use one of the old and traditional elevators in town to go up and down. The city offers great nightlife, a lot of fine restaurants and cafés, so take advantage. The government of Chile doesn’t really believe in the whole summer-winter time concept, so they just choose to ignore it. So don’t live by Apple’s time registration! Otherwise you will end up being late in a neighbourhood that is not safe after dusk, like we did. We went to the oldest bar (1897) of Valparaíso, Liberty bar. It is traditionally a sailor’s bar but nowadays students like to drink a beer at the end of the day as well. A fun place where on Sunday, every single person in the bar was either too young to drink or drunk. Like a movie we watched how people gathered, drank and argued. It is a recommendable place, Valparaíso is different, historical and a lot of fun! Just go there..

This slideshow requires JavaScript.